vrijdag 11 februari 2011

Ik mis hier alleen Hema, Appie en Internet

English version below

Dat laatste is de rede dat ik zo lang niets gepost heb. Het probleem met het internet is nog steeds niet opgelost, maar we hebben de oude dongel van het langzame, dure internet weer aan de praat gekregen. Dus een tweede update:

Oud en nieuw bracht een rood licht, wat dus niet veel goeds voorspeld. Mogelijk verklaard dit dat Jerome geveld werd door niet alleen malaria, maar ook nog eens dengue. Onze vakantie was dus weinig actief en ik had de kans om rustig aan Manus te wennen en te ontdekken dat het hier geen probleem is om bijvoorbeeld alleen naar de markt te gaan. Het is hier gebruikelijk dat mensen automatisch vertellen waar ze heen gaan als je ze tegenkomt en dat ook van jou verwachten. Sociale controle, maar niet op een vervelende manier. Als ik alleen op de markt ben om cocosnoten (in combinatie met banaan een smakelijker alternatief voor ORS) in te slaan voor de zieke Jerome vraagt iedereen die ons kent waar hij is. In tegenstelling tot andere landen, waar mensen soms alleen aanstaren en sissende geluiden maken, schudden hier mensen je de hand en stellen zich voor. Daarom kennen inmiddels veel mensen mijn naam nu ook en klinkt het niet alleen meer moning/apinoon Jerome! als we langs fietsen, maar ook steeds vaker moning/apinoon Judith! We maken er een beetje een wedstrijd van wiens naam het vaakst geroepen word, helaas win ik het nog niet.
foto van de markt

Langzaam maar zeker krijg ik wat drukker op m'n werk. Hiv/Aids counseling, counselen van slachtoffers van huiselijk geweld, praten met mensen met een chronische ziekte, mensen wat meer uitleg geven over een bepaalde ziekte en de noodzaak om de behandeling af te maken, praten met mensen die ziek zijn maar waar voor de artsen (met de middelen die hier zijn) geen medische verklaring kunnen vinden.
Op maandag, woensdag en vrijdag is er de 'ward-round' en loop ik mee met de ronde over de medical ward, maar meestal beginnen ze op de surgical ward eerder en kijk ik eerst mee naar de patienten die daar behandeld worden. Beide ziekenzalen bestaan uit zo'n 16 bedden. In de medical ward heeft de hoofdmoot van de patienten TBC, in de surgical ward hebben de meesten een 'skin graft' nodig voor een wond die niet meer wilt dichten door de de diabetes en toevallig de laatste tijd ook oudere mensen die aan een tractie liggen na het breken van een heup. Helaas ook al te vaak patienten met kanker, in een stadium dat er niet veel meer aan te doen is. In het ziekenhuis is weinig aan diagnostisch materiaal. Er kunnen een aantal bloedtesten gedaan worden en er is een röntgen apparaat, dat is het zo'n beetje. Een tumor en mogelijke uitzaaiingen worden daarom niet in een vroeg stadium ontdekt, of patiënten komen zelf pas op het moment dat ze echt last krijgen van de ziekte. Op het moment dat er dan geld is om patiënten naar de hoofdstad door te verwijzen is het vaak te laat. Patiënten zijn te zwak om de reis nog te maken of de artsen beseffen dat er verwijzen geen zin meer heeft. Ik heb de indruk dat sommige patiënten alleen komen voor pijnbestrijding omdat ze weten dat de ziekte het van het lichaam aan het winnen is. Het klinkt nu alsof het ziekenhuis een depressieve plek is waar inderdaad wel een een psycholoog nodig is. Gelukkig hebben mensen hier een heerlijk gevoel voor humor en kunnen ze om van alles hartelijk lachen en is het soms best gezellig op de ziekenzalen.

Op vrijdag is er normaal gesproken grand round: een bijeenkomst waar op een informele manier een presentatie over een ziekte word gegeven of een casus word besproken. De eerste grand round van 2011 hou ik. Ik maak van de gelegenheid gebruik om met zoveel mogelijk input van de staff een plan voor het komende jaar te maken. Stap 1 van het plan is deze week gehaald, na precies twee maanden heb ik een kantoortje voor mezelf en is er dus een Mental Health/Social Work 'afdeling'. De rede dat het zo lang duurde is dat eerst misschien een biomedical officer zou komen, daarna wist niemand waar de sleutel van het kantoortje was. Die bleek uiteindelijk, heel verrassend, in het sleutelkastje te hangen... Verder heeft een net afgestudeerde verpleegkundige me laten weten dat hij erg geïnteresseerd in geestelijke gezondheid en dat hij wil dat ik hem hierin wat training ga geven. Daar ben ik ook erg blij mee, want het leek er op dat de meeste staff wat terughoudend was met het idee om training te krijgen in mental health.


foto: grand round, bridge model maken

In onze vrije tijd verkennen Jerome en ik beetje bij beetje het eiland. We fietsen naar Lugos, een dropje waar we van wisten dat er Duitse missionarissen zitten. In Lugos aangekomen maken we kennis met een jong gezin en we worden voor maandag uitgenodigd om op de vijfjarige verjaardag van hun zoon te komen. Ze hebben ook nog een dochter van twee. Op de verjaardag maken we ook kennis met de andere twee missionarissen, een jong stel. Het is leuk om wat andere wait manmeri te kennen hier, want afgezien van een paar Australiërs die hier opgegroeid zijn, non zijn of een vrouw hebben (het zijn er dus drie), zijn er niet veel 'westerlingen'. Blanken zijn hier zo zeldzaam dat zelfs Jerome en ik ze aanstaren, of dat huidskleur al een rede genoeg is om iemand in de supermarkt aan te spreken.
Nu we de Duitsers hebben ontmoet krijgen we wat hulp bij het ontdekken van Manus. Een zondag pikken de Duitsers ons op omdat ze naar een kerkdienst gaan in het oosten van Manus om daarna naar een mooi strand te rijden en te picknicken en een beetje in het water klooien. Verder springen we met ze van Loniu brug, die Manus vaste land verbind met het eiland Los Negros waar ook het vliegveld is.


 Foto: picknick op Salamei beach

foto: springen van Loniu bridge

  foto: fietstochtje over de Coastal road, tot de brug zijn we gefietst

De week erop gaan we naar Madang voor een VSO conferentie. VSO is bezig met het maken van een nieuw meerjarenplan voor hun werk in PNG en willen hiervoor feedback van de vrijwilligers in het veld.
Voor Jerome is het de eerste keer in bijna 9 maanden dat hij Manus verlaat, en hij heeft een lange lijst met dingen die hij in Madang wil halen die op Manus niet te krijgen zijn. Dus we vertrekken met lege tassen en komen terug met kaas, zongedroogde tomaatjes, fatsoenlijk tonijn in blik (niet, zoals hier, Diana, wat afval van tonijn in blik is). We missen hier af en toe wel een AH. Al krijg je daar geen ananas of ander fruit van een bekende die toevallig achter de kassa zit, wat hier op de markt wel regelmatig gebeurd als we groente en fruit aan het kopen zijn.

In Madang zijn we bijna een week. Drie dagen hebben we de conferentie met de vrijwilligers en de programme office staff. De vierde dag is er nog een fysio workshop en zaterdag hebben we nog een dag in Madang om weer eens met een bootje de zee op te gaan en in de buurt van kleine eilandjes te gaan snorkelen. Onderweg zien we nog een groep van 50 dolfijnen. Helaas kan mijn maag het schommelen op bootjes niet zo waarderen en ben ik tot de ontdekking gekomen dat ik geen zeebenen heb. De week in Madang was erg gezellig en lekker sociaal met de andere vrijwilligers, wat we op Manus soms wel eens een beetje missen.
Foto: fysio presentatie: ervaren wat het is om gehandicapt te zijn; VSO conference

Zoals ik eerder schreef vallen blanken hier op en ga je bijna automatisch een praatje maken. Zo ontmoet ik een paar dagen nadat we weer in Manus zijn Dineke in het ziekenhuis. Ze is een Phd student in Australie en ze is nu voor veldwerk een tijd op een eilandje ten zuiden van Manus, waar ze de lokale taal bestudeerd. Ze had gehoord dat er in het ziekenhuis twee Nederlanders werkten. Die avond hebben we een gezellige Hollandse pizza-avond. En we hebben weer een bestemming om eens een weekendje naar toe te gaan.

Tot zo ver onze avonturen van de afgelopen periode.
Op deze site reageren kan blijkbaar alleen met een google account, maar ik heb hier nog m'n Nederlandse nummer, en ik kan smsjes ontvangen :-) Ik kijk uit naar berichtjes van jullie!




English version:

So for those of you who are not yet so fluent in Dutch, here a brief update of my period in PNG. Unfortunately internet hasn't been working since ages, but we managed to get the old slow expensive internet working again. The problems with the faster internet are 'indefenite' but when they are solved I will update more and hopefully skype and email more.

The first week in PNG I had my In Country Orentation in Madang where there is the VSO programme office. Madang is quite big compared to Lorengau and has some nice hotels and places for diving and snorkeling. This week I mainly learned the basics of Tok Pidgin/Tok Pisin and adjusted to the heat in the swimming pool.

My first weeks in Lorengau are quite relaxed and I have the time to adjust to this new place. Lorengau is the main town on Manus and this is the place where I will work and live the coming year. I work in the hospital (haus sik) as a social worker. Currently there is no psychiatric nurse or social worker or just someone who can provide some mental health care. After a discussion with some of the staff the plan is now that this year I will set up some 'mental health clinic', train some staff that is interested, do some awareness and promotion of the service we provide. Hopefully, if this clinic is established a local psychiatric nurse or social worker will find it more attractive to start working here, or some staff that I trained can continue some of the work.
Apart from the organizational stuff I do some hiv/aids counseling, counseling of victims of domestic violence (which is very common here), support patients that are chronicly sick and talking to patients with complains the doctors have no explanation for.

Contrary to some other places in PNG, Manus is quite save. It is no problem for me to go to work or the market on my own. People are friendly and when they meet new comers they sek han (shake hands) and introduce themselves. For me this is a good way to inform people on the work I'm doing. The only problem is that so far I find it really hard to remember all the faces of the people I meet and to keep track of where I know them from.

In our spare time Jerome and I try to go around the island and discover the nice spots. One of the fist weeks we go to a traditional bride price custom in a village on the south part of Manus. It is the biggest bride price in Manus in history and it takes almost a week for the family of the man to collect and give the money and the family of the wife to give back food. In between the giving of food and money there are singsings: traditional dancing and singing.

Around Christmas we have a week vacation and one of our wantoks comes over. A wantok is someone who speaks the same language, in PNG this most of the times means family, in this context it means another Dutch volunteer. We arrange a boat and go to some villages around the island and to neighboring islands. When our wantok leaves Jerome is down for more then a week with malaria and dengue. He fortunately recovers well.

In one of the weekends cycling around we meet some German missionaries who will be here for four years. Since there are not so many wait (white) manmeri (people) here, it is actually quite nice to meet a few. Friendly people who have supplied us with yoghurt (now we can make our own) and we went for a pick nick at a nice beach on the east of Manus.

Since wait manmeri are such an exception here, it even makes that Jerome and I are sometimes staring at them, or it is a reason for other wait people here to just start a conversation. This way I met another Dutch girl. She is a Phd student doing field work on a small island south of Manus. She heard about two other Dutch working in the hospital, so when she was in town she found us there. That night we had a nice wantok evening, and we probably will visit her sometime at the island she lives.

In January we go to Madang for a VSO conference. VSO is planning there new strategy for the coming years and organises this conference to get input from the volunteers. It is a great week with interesting discussions and nice for me to meet the other volunteers working in PNG. And we are able to buy cheese and loads of other things that have been out of stock in Manus since ages.
The main supermarket here gets the supplies by boat and you never know when something comes. If you ask when again milk coming again, the answer is: 'next shipment', whenever that may be...

To be short I am having a good time here. Things at work could get a bit busier, but I am sure that will change. Although Lorengau is a small and quiet place, I am glad it is save and with not so many foreigners around we get involved more with the locals. However with the internet down it is a bit more isolated.
Looking forward to hearing form you!